Blog

Netcongestie bij laadpleinen: hoe transportbedrijven kunnen blijven elektrificeren, ook met beperkte netcapaciteit

Elektrisch laden vrachtwagen Elektrisch laden vrachtwagen


Netcongestie is voor veel transportbedrijven geen abstract beleidsbegrip meer, maar dagelijkse realiteit. Plannen voor elektrische vrachtwagens en bestelwagens blijken lastig uitvoerbaar, niet omdat de voertuigen er nog niet zijn, maar omdat het elektriciteitsnet op steeds meer plekken zijn grenzen bereikt. Vooral bij laadpleinen op logistieke hubs en transportdepots blijken nieuwe of zwaardere aansluitingen simpelweg niet beschikbaar, soms zelfs voor de komende jaren.
 
Tegelijkertijd neemt de druk op transportbedrijven van buitenaf toe. Zero-emissiezones, strengere CO₂-verplichtingen, stijgende brandstofkosten en de groeiende duurzaamheidswensen vanuit klanten maken elektrificatie steeds vaker een operationele noodzaak. Veel transportbedrijven bevinden zich daardoor in een spanningsveld: de wil en noodzaak om te elektrificeren zijn er, maar de netcapaciteit ontbreekt.
 
Dit patroon zien we dagelijks terug in gesprekken met transporteurs, logistieke dienstverleners en vastgoedeigenaren, tijdens het implementeren van onze GoodPower oplossingen voor laadbeheer en waardecreatie. Onze ervaring leert: netcongestie vraagt niet om geduld, maar om een andere manier van denken. Niet primair in voertuigen of kilowatts, maar in energie, flexibiliteit en regie.
 
De centrale vraag is daarom niet óf je kunt elektrificeren bij netcongestie, maar hóe.
Als je je laadstrategie slim en flexibel inricht, kun je ook vandaag al stappen zetten, zonder te wachten op netverzwaring.
 
Lees ook:
 
In dit artikel nemen we je stap voor stap mee door deze visie. We leggen uit wat netcongestie precies betekent voor laadpleinen, waarom het een structureel probleem is, en, nog belangrijker, welke oplossingen in de praktijk wél werken. Niet vanuit de theorie, maar vanuit daadwerkelijke ervaring in de energietransitie van het wegtransport.
 

Wat is netcongestie en waarom raakt het laadpleinen voor transport?

 


 

Kort antwoord:
Netcongestie ontstaat wanneer het elektriciteitsnet op een bepaalde locatie of op een bepaald moment onvoldoende capaciteit heeft om extra vermogen te leveren. Voor laadpleinen in de transportsector betekent dit simpelweg: er is wel vraag naar elektriciteit, maar het net kan die niet altijd leveren.

 



Voor transportbedrijven speelt netcongestie vrijwel altijd aan de afnamekant van het net. Laadpleinen voor vrachtwagens en bestelwagens vragen veel vermogen op relatief voorspelbare, maar geconcentreerde momenten, vaan het einde van een werkdag of tijdens de nacht. Juist op die momenten is het net in veel regio’s al zwaar belast.

Wat dit extra complex maakt, is dat elektrificatie van transport geen vrijblijvende keuze meer is. Elektrisch rijden vormt een essentiële pijler onder de Nederlandse klimaat- en mobiliteitsdoelstellingen. Voor stedelijke distributie én steeds vaker voor regionaal en nationaal transport is elektrisch rijden de dominante route naar zero-emissie.

Het elektriciteitsnet is echter historisch ontworpen voor een heel andere realiteit:
•    minder piekbelasting
•    voorspelbaar verbruik
•    eenrichtingsverkeer van energie

De snelle groei van het aantal elektrische voertuigen op de weg en de bijbehorende laadinfrastructuur legt precies daar de zwakke plek bloot. Daardoor worden laadpleinen vaak als eerste geraakt door netcongestie, zelfs wanneer de locatie, businesscase en voertuigen al klaar zijn voor elektrificatie.


Belangrijk om te begrijpen:
Netcongestie betekent niet dat elektrificatie onmogelijk is. Het betekent dat succes steeds minder afhangt van hoeveel vermogen beschikbaar is, en steeds meer van hoe slim en flexibel dat vermogen wordt ingezet.

Wat is netcongestie en waarom raakt het laadpleinen voor transport?

 


 

Kort antwoord:
Netcongestie ontstaat wanneer het elektriciteitsnet op een bepaalde locatie of op een bepaald moment onvoldoende capaciteit heeft om extra vermogen te leveren. Voor laadpleinen in de transportsector betekent dit simpelweg: er is wel vraag naar elektriciteit, maar het net kan die niet altijd leveren.

 



Voor transportbedrijven speelt netcongestie vrijwel altijd aan de afnamekant van het net. Laadpleinen voor vrachtwagens en bestelwagens vragen veel vermogen op relatief voorspelbare, maar geconcentreerde momenten, vaan het einde van een werkdag of tijdens de nacht. Juist op die momenten is het net in veel regio’s al zwaar belast.

Wat dit extra complex maakt, is dat elektrificatie van transport geen vrijblijvende keuze meer is. Elektrisch rijden vormt een essentiële pijler onder de Nederlandse klimaat- en mobiliteitsdoelstellingen. Voor stedelijke distributie én steeds vaker voor regionaal en nationaal transport is elektrisch rijden de dominante route naar zero-emissie.

Het elektriciteitsnet is echter historisch ontworpen voor een heel andere realiteit:
•    minder piekbelasting
•    voorspelbaar verbruik
•    eenrichtingsverkeer van energie

De snelle groei van het aantal elektrische voertuigen op de weg en de bijbehorende laadinfrastructuur legt precies daar de zwakke plek bloot. Daardoor worden laadpleinen vaak als eerste geraakt door netcongestie, zelfs wanneer de locatie, businesscase en voertuigen al klaar zijn voor elektrificatie.


Belangrijk om te begrijpen:
Netcongestie betekent niet dat elektrificatie onmogelijk is. Het betekent dat succes steeds minder afhangt van hoeveel vermogen beschikbaar is, en steeds meer van hoe slim en flexibel dat vermogen wordt ingezet.

Waarom netcongestie in Nederland een structureel knelpunt is

 



Kort antwoord:
Netcongestie is structureel omdat de vraag naar elektriciteit sneller groeit dan het net kan worden uitgebreid.

 

Als je kijkt naar wat er tegelijk gebeurt, wordt dat beeld snel duidelijk:
•    Transport, gebouwen en industrie elektrificeren in hoog tempo
•    Zonne- en windenergie zorgen voor wisselende en lokale energiestromen
•    Logistieke bedrijventerreinen concentreren veel vraag op één plek
•    Netverzwaring vraagt jaren aan vergunningen, ruimte en uitvoering

In regio’s zoals Noord-Brabant, Gelderland, Utrecht, Flevoland en delen van Noord-Holland zijn wachttijden van vijf tot tien jaar voor nieuwe of zwaardere aansluitingen inmiddels realiteit. Ook netbeheerders geven aan dat congestie niet vóór 2030 structureel verdwijnt.

Als je je elektrificatieplannen baseert op toekomstige netuitbreiding, loop je dus het risico jarenlang stil te staan. Als je ontwerpt vanuit deze realiteit, ontstaat juist ruimte om vooruit te blijven gaan.

 




Wie dagelijks met energie en infrastructuur werkt, ziet dat netcongestie geen tijdelijke verstoring is, maar het logische gevolg van een systeem dat onder enorme transitie staat.

De elektrificatie van transport groeit sneller dan ooit. Tegelijkertijd schakelen ook gebouwen, industrie en de gebouwde omgeving massaal over op elektriciteit. Deze groei was in deze omvang en snelheid niet voorzien toen veel delen van het net zijn ontworpen.

Daarbovenop komt de snelle toename van decentrale opwek uit zon en wind. Die duurzame energie is essentieel, maar zorgt ook voor sterk wisselende energiestromen. Het net, dat historisch is ingericht voor eenrichtingsverkeer en voorspelbare belasting, moet nu omgaan met pieken, dalen en bidirectionele flows.

Een derde factor is ruimtelijke clustering. Logistieke bedrijventerreinen, distributiecentra en transporthubs concentreren veel elektrisch vermogen op één locatie. Juist daar waar elektrificatie het meest logisch en efficiënt is, loopt het net het snelst tegen zijn grenzen aan.

Tot slot spelen lange investerings- en vergunningsprocedures een bepalende rol. Netverzwaring vraagt fysieke ruimte, specialistisch personeel en complexe afstemming. Zelfs wanneer investeringsbesluiten zijn genomen, duurt realisatie vaak jaren.

Het gevolg is een harde realiteit voor veel regio’s: wachttijden van vijf tot tien jaar voor nieuwe of zwaardere aansluitingen zijn geen uitzondering meer. Netbeheerders geven zelf aan dat congestie in grote delen van Nederland ook na 2030 onderdeel blijft van het energiesysteem.

Een belangrijke les:
Als je elektrificatie blijft plannen op basis van toekomstige netuitbreiding, loop je het risico stil te vallen. Maar als je ontwerpt vanuit de structurele realiteit van netcongestie, creëer je ruimte om nu al door te bewegen.

Wat netcongestie betekent voor jouw depotladen en schaalbaarheid

 
Depotladen is waarschijnlijk de ruggengraat van elektrificatiestrategie van jouw bedrijf. Je voertuigen keren terug naar een vaste locatie, laadtijden zijn planbaar en energiekosten blijven beheersbaar. Juist daarom raakt netcongestie depotladen zo hard.
 
In de praktijk zie je vaak hetzelfde patroon. Starten met enkele elektrische voertuigen lukt meestal wel. De bestaande aansluiting is voldoende en je doet ervaring op. De echte uitdaging ontstaat wanneer je wilt opschalen.
 
Een aansluiting die werkt voor vijf elektrische trucks, blijkt vaak onvoldoende voor tien of twintig. Omdat verzwaring niet mogelijk is, ontstaat spanning:
  • Investeringen in laadinfrastructuur worden risicovoller
  • Voertuigen zijn niet altijd inzetbaar
  • Je wordt afhankelijker van duur en schaars publiek laden
 
Netcongestie maakt depotladen dus niet onmogelijk, maar wel schaalbaarheidsgevoelig. Als je vanaf het begin rekening houdt met beperkte netcapaciteit, voorkom je dat groei later vastloopt.
 

Welke oplossingen werken bij netcongestie?

 


 

Kort antwoord:
Oplossingen die werken bij netcongestie vergroten flexibiliteit in plaats van netcapaciteit. Door slim laden, lokaal energiemanagement en flexibele netcontracten kunnen transportbedrijven laadpleinen realiseren en opschalen, ook wanneer netverzwaring niet mogelijk is.
 

 
Wanneer extra netcapaciteit geen optie is, verschuift de vraag. Niet: hoe krijgen we meer vermogen? Maar: hoe gebruiken we het beschikbare vermogen slimmer?
 
In de praktijk zien we drie oplossingsrichtingen die zich bewezen hebben bij laadpleinen voor transport.
 

1. Slim laden en load balancing

Slimmer laden vormt de basis van vrijwel elke oplossing bij netcongestie.
 
In plaats van alle voertuigen tegelijk op maximaal vermogen te laten laden, verdeelt slimme laadsoftware het beschikbare vermogen dynamisch. Met slimme laadsoftware, zoals het GoodPower-platform, stem je laden af op:
  • Aankomst- en vertrektijden
  • Benodigde actieradius
  • Prioriteit van voertuigen in de operatie
 
Het resultaat is dat meer voertuigen kunnen laden binnen hetzelfde aansluitvermogen, zonder extra piekbelasting op het net. Voor veel transportbedrijven is dit de eerste en meest impactvolle stap.
 

2. Lokaal energiemanagement: opwek en opslag

Waar slim laden het verbruik optimaliseert, voegt lokaal energiemanagement extra flexibiliteit toe.
 
Zonnepanelen in combinatie met batterijopslag helpen je om:
  • Pieken in laadvraag af te vlakken
  • Eigen opgewekte energie direct te benutten
  • Minder afhankelijk te zijn van het net op kritieke momenten
 
Belangrijk om te benadrukken: opslag vervangt het net niet, maar koopt tijd en ruimte binnen bestaande beperkingen. Juist in congestiegebieden wordt die flexibiliteit steeds waardevoller.
 

3. Contractuele flexibiliteit via niet-gegarandeerde aansluitingen

Naast technische oplossingen speelt ook je netcontract zelf een steeds grotere rol.
 
Met niet-gegarandeerde of flexibele aansluitingen spreek je geen vast vermogen af op elk moment, maar accepteer je tijdelijke begrenzing bij schaarste. Bij dreigende congestie kan het vermogen tijdelijk worden begrensd.
 
Voor veel transportbedrijven is dit werkbaar omdat:
  • Laadvraag planbaar is
  • Voertuigen niet altijd direct volledig hoeven op te laden
  • Laadmomenten kunnen worden gespreid
 
In ruil daarvoor krijg je sneller toegang tot netcapaciteit en vaak lagere kosten. Met slim energiemanagement, zoals met de GoodPower-laadstrategieën, vang je tijdelijke beperkingen automatisch op.
 
Het advies: kies geen losse maatregel, maar een strategie
De oplossingen die werken bij netcongestie staan zelden op zichzelf. Succesvolle laadpleinen combineren slim laden, lokaal energiemanagement en contractuele flexibiliteit tot één samenhangende strategie. Benader je de netcongestie als technisch probleem, dan loop je vast. Benader het als strategisch vraagstuk, en je behoudt de regie.

 

 
 

Niet-gegarandeerde aansluitingen: hoe flexibel vermogen ruimte creëert bij netcongestie

 


 

Kort antwoord
Een niet-gegarandeerde aansluiting maakt elektrificatie mogelijk bij netcongestie door flexibiliteit af te spreken in plaats van vast vermogen. Transportbedrijven krijgen toegang tot het net, terwijl het beschikbare vermogen tijdelijk kan worden begrensd wanneer het net onder druk staat.
 

 
 
Wanneer netverzwaring geen optie is, komt de vraag op tafel: hoe krijgen we toch toegang tot het net? Niet-gegarandeerde aansluitingen bieden hier in toenemende mate een werkbaar antwoord. Bij deze contractvorm wordt een maximaal vermogen afgesproken, maar zonder volledige garantie dat dit vermogen op elk moment beschikbaar is. In uitzonderlijke situaties kan de netbeheerder het vermogen tijdelijk terugregelen om overbelasting te voorkomen. Voor veel transportbedrijven klinkt dit in eerste instantie spannend. Toch blijkt in de praktijk dat deze flexibiliteit vaak goed te organiseren is. Juist omdat laadprocessen bij depotladen planbaar zijn.
 
Waarom dit juist voor transport werkt
In de dagelijkse operatie van veel transportbedrijven:
  • Keren voertuigen terug op vaste tijden
  • Zijn laadsessies spreidbaar over meerdere uren
  • Is tot 100% laden niet altijd direct noodzakelijk
 
Met slimme laadsoftware en energiemanagement kan het beschikbare vermogen automatisch worden verdeeld en aangepast wanneer het net daarom vraagt. Je operatie blijft daarmee stabiel, terwijl toegang tot het net behouden blijft. De winst zit niet in meer kilowatts, maar in betere afstemming.
 

De voor- en nadelen in één oogopslag

Voordelen
  • Snellere realisatie van laadpleinen in congestiegebieden
  • Lagere netkosten in vergelijking met volledig gegarandeerde aansluitingen
  • Mogelijkheid om elektrificatie voort te zetten zonder jaren te wachten

Aandachtspunten
  • Flexibiliteit in laadplanning is noodzakelijk
  • Investeringen in slimme sturing en monitoring zijn vereist
  • Niet elke operatie leent zich voor dezelfde mate van flexibiliteit

Wanneer is een niet-gegarandeerde aansluiting een goede keuze?
Niet-gegarandeerde aansluitingen passen vooral goed bij:
  • Transportbedrijven met vaste routes en depots
  • Vloten met nachtelijk of gespreid laden
  • Locaties waar slim laden al onderdeel is van de operatie
 
Voor bedrijven met zeer onvoorspelbare inzet of strikte laadtijdvensters is een zorgvuldige analyse nodig. Flexibiliteit werkt alleen wanneer zij aansluit op de dagelijkse praktijk.
 
Flexibiliteit is geen concessie, maar een keuze
Niet-gegarandeerde aansluitingen vragen om een andere manier van denken. Niet vanuit maximale zekerheid op papier, maar vanuit regie in de praktijk. Bedrijven die flexibiliteit bewust organiseren, winnen tijd, ervaring en schaalbaarheid. In een energiesysteem waar netcongestie structureel is, wordt dat steeds vaker een strategisch voordeel.
 

Voor welke transportbedrijven werken flexibele oplossingen het best?

 

 
Kort antwoord
Flexibele oplossingen bij netcongestie werken het best voor transportbedrijven met voorspelbare laadvraag, vaste depots en ruimte om laadtijden te spreiden. Hoe beter de operatie planbaar is, hoe groter de speelruimte binnen beperkte netcapaciteit.
 

 
Niet elke transportoperatie is hetzelfde. En dat is precies waarom flexibiliteit geen standaardoplossing is, maar een strategische keuze die moet passen bij de dagelijkse praktijk. In onze ervaring zijn er grofweg drie typen transportbedrijven die het meeste voordeel halen uit flexibele laadoplossingen bij netcongestie.
 

1. Transportbedrijven met vaste routes en eigen depots

Bedrijven met vaste routes, terugkerende ritten en eigen depots beschikken over een belangrijk voordeel: voorspelbaarheid. Voertuigen keren op bekende tijden terug, vertrek- en aankomstmomenten liggen grotendeels vast en de benodigde actieradius is goed in te schatten. Dat maakt het mogelijk om laadvraag te sturen, te spreiden en te prioriteren. Voor deze bedrijven vormen slim laden en niet-gegarandeerde aansluitingen vaak een logische en goed beheersbare stap richting verdere elektrificatie.
 

2. Distributiecentra en logistieke hubs

Distributiecentra en logistieke hubs hebben te maken met meerdere voertuigen, gebruikers en laadprofielen op één locatie. Dat lijkt complex, maar biedt juist kansen.
 
Bijvoorbeeld, door onderling:
  • Laadvraag onderling af te stemmen
  • Laadtijden te spreiden
  • En te combineren met lokale opwek en opslag

Hierdoor ontstaat collectieve flexibiliteit. Het totaalvermogen blijft binnen de grenzen van het net, terwijl individuele gebruikers toch kunnen laden wanneer dat nodig is.
 

3. Transportbedrijven die flexibiliteit organisatorisch kunnen borgen

Techniek alleen is niet genoeg. Flexibele oplossingen werken het best bij organisaties die:
  • Bereid zijn planning en energiegebruik op elkaar af te stemmen
  • Inzicht hebben in rij- en laadpatronen
  • En flexibiliteit accepteren als onderdeel van de operatie
 
Waar laadmomenten volledig vastliggen en geen enkele afwijking mogelijk is, wordt flexibiliteit lastiger. In zulke gevallen vraagt toepassing om extra analyse en maatwerk.
 
Wanneer is extra voorzichtigheid nodig?
Flexibele oplossingen zijn minder vanzelfsprekend voor:
  • Operaties met zeer onvoorspelbare inzet
  • Spoedtransport met directe laadbehoefte
  • Of locaties zonder ruimte voor slimme sturing of energiemanagement
 
Dat betekent niet dat elektrificatie onmogelijk is, maar wel dat de strategie zorgvuldiger moet worden ingericht.
 

Netcongestie vraagt geen uitstel, maar een andere strategie

 

 
Kort antwoord:
Netcongestie betekent dat elektrificatie anders moet worden ingericht, niet dat zij moet worden uitgesteld. Transportbedrijven die sturen op flexibiliteit in laden, energie en contracten, kunnen ook bij beperkte netcapaciteit blijven opschalen.
 

 
Netcongestie dwingt transportbedrijven om anders naar elektrificatie te kijken. Jarenlang was de logica eenvoudig: meer voertuigen betekende meer laadpunten en meer netcapaciteit. Die benadering werkt niet meer in een energiesysteem waar schaarste structureel is geworden.
 
De bedrijven die nu vooruitkomen, maken een andere keuze. Zij plannen elektrificatie niet langer vanuit de veronderstelling dat het net zich aanpast aan hun groei, maar richten hun operatie zo in dat zij binnen de grenzen van het net kunnen blijven bewegen.
 
Dat vraagt om:
  • Vroeg inzicht in energie- en laadprofielen
  • Bewuste keuzes in flexibiliteit
  • En een laadstrategie die meegroeit met de operatie

Wie deze stap nu zet, bouwt meer op dan alleen laadinfrastructuur. Die bouwt kennis, ervaring en regie op, en daarmee een voorsprong in een markt waar netcapaciteit de komende jaren schaars blijft.
 
Wat dit betekent voor transportbedrijven die willen elektrificeren:
  • Wachten op netverzwaring is zelden de snelste route
  • Flexibele oplossingen maken elektrificatie nú mogelijk
  • Slim energiemanagement wordt een kerncompetentie, geen bijzaak
 
Netcongestie is daarmee geen blokkade, maar een ontwerpeis. Met GoodPower begeleiden we transportbedrijven die deze realiteit onder ogen zien en er strategisch op inspelen. Niet door beloftes over onbeperkte capaciteit, maar door samen te kijken naar wat binnen jouw locatie, vloot en operatie wél werkt.
 
Volgende stap zetten?
Wil je weten hoe jouw laadplein kan groeien ondanks netcongestie? Ontdekken hoe FincoEnergies transportbedrijven ondersteunt met flexibele laadstrategieën en toekomstbestendig energiemanagement? Neem contact op voor een verkennend gesprek.
 

WhatsApp Image 2021-05-06 at 15.52 (1)